Omar feliciteert Imam Ali (as) (MN)

in Imam Ali (as)

Ahmad bin Hanbal:

Van Al-Bara’ bin `Azib, die zei: We waren op reis met de Profeet (s) en vervolgens kwamen wij aan bij Ghadeer Khum. Er werd naar ons geroepen: “Het gezamenlijke gebed!”

Er werd geveegd voor de Profeet (s) onder twee bomen en hij verrichte vervolgens het middaggebed. Daarna pakte hij (s) de hand van Ali en zei: “Weten jullie dat ik meer autoriteit heb over de gelovigen dan zij over henzelf?”

Zij zeiden: “Ja.”

Hij (s) zei: “Weten jullie dat ik meer autoriteit heb over iedere gelovige, dan hij over zichzelf?”

Zij zeiden: “Ja.”

Toen pakte hij (s) de hand van Ali en zei: “Voor wie ik zijn meester ben, dan is Ali zijn meester. O Allah, bevriend wie hem bevriend en wees vijandig tegen degene die hem vijandig is.”

Daarna kwam Omar, Ali tegen, en zei: “Gefeliciteerd, O zoon van Abi Talib, je bent de meester van alle gelovige mannen en vrouwen geworden.”

Shu`aib al-Arna’out: “Sahih (authentiek) wegens ondersteunend bewijs.”

Bron: Musnad, Vol. 30, Blz. 430, # 18479

 

 

[Zelfde overlevering als hierboven].

Ahmad Mohammad Shakir: “De overleveringsketen is Hasan (goed).”

[Zelfde overlevering als hierboven].

Ahmad Mohammad Shakir: “De overleveringsketen is Sahih (authentiek).”

Bron: Al-Musnad, Vol. 14, Blz. 185 – 186, # 18391a – 18391b

 

 

Ibn Hajar al-Haytami:

Toen Abu Bakr en Omar dat hoorden, zeiden zij tegen Ali: “O zoon van Abi Talib, jij bent de meester van iedere gelovige man en vrouw geworden.”

Al-Darqutni heeft dat overgeleverd en hij overleverde ook dat iemand tegen Omar zei: “Jij behandelt Ali op een manier hoe jij niemand van de metgezellen van de Profeet (s) behandelt.” Omar zei: “Hij is mijn meester.”

Bron: Al-Sawa`iq ul-Muhriqa, Blz. 60

 

 

Fakhr ud-Dien al-Razi:

 

العاشر: نزلت الآية في فضل علي بن أبي طالب عليه السلام، ولما نزلت هذه الآية أخذ بيده وقال: ” من كنت مولاه فعلي مولاه الّلهم وال من والاه وعاد من عاداه ” فلقيه عمر رضي الله عنه فقال: هنيئاً لك يا ابن طالب أصبحت مولاي ومولى كل مؤمن ومؤمنة، وهو قول ابن عباس والبراء بن عازب ومحمد بن علي

 

Het 10e standpunt: Het vers [5:67] werd geopenbaard omwille van Ali bin Abi Talib (as). Toen dit vers geopenbaard werd, pakte de Profeet (s) hem bij de hand en zei: “Voor wie ik zijn meester ben, dan is Ali zijn meester. O Allah, bevriend wie hem bevriend en wees vijandig tegen degene die hem vijandig is.” Vervolgens kwam Omar hem tegen, dus zei hij: “Gefeliciteerd, O zoon van Abi Talib, je bent de meester geworden van iedere gelovige man en vrouw.”

En dit is het standpunt van Ibn `Abbas, Al-Bara’ en Mohammad bin Ali.

Bron: Mafatieh ul-Ghayb

 

http://www.altafsir.com/Tafasir.asp?tMadhNo=1&tTafsirNo=4&tSoraNo=5&tAyahNo=67&tDisplay=yes&Page=2&Size=1&LanguageId=1

 

 

Al-Khatieb Al-Baghdadi:

Van Abu Huraira, die zei: Er zal 60 dagen van vasten worden geschreven voor degene die op de 18e dag van Dhul Hijja vast. En dat is de dag van Ghadier Khum, toen de Profeet (s) Ali bin Abi Talib bij de hand pakte en zei: “Ben ik niet de leider van de gelovigen?”

Zij zeiden: “Jawel, O Profeet.”

Hij (s) zei: “Voor wie ik zijn meester ben, dan is Ali zijn meester.”

Dus Omar bin al-Khattab zei: “Gefeliciteerd voor jou, O zoon van Abi Talib, je bent mijn meester en de meester van iedere moslim geworden.”

En Allah openbaarde vervolgens het vers: “Deze dag heb ik jullie religie compleet gemaakt.” [5:3].

0